ze blijven komen

Geschreven in het kader van de Nationale Holocaustherdenking. Mijn bijdrage aan de herdenkingssamenkomsten in Zutphen van 22 januari tot en met 2 februari 2020 rondom ‘Levenslicht’, het interactief Holocaustmonument gemaakt door kunstenaar Daan Roosegaarde.

1

er staat iemand op
om de wagondeur te sluiten
de reizigers – aangedrukt – zijn met velen
een kwestie van leefruimte

er stond iemand op
om het licht te verdelen

bij het kraaien
van een hongerige vlag
stond iemand op om het licht te verdelen

de trein rijdt de dag steekt
nog even door de kieren

aankomst
selectie
wie nog bruikbaar is

er stond iemand op
om het licht te verdelen

2

er staat iemand op
om het haar af te nemen

inkt in de huid
genummerden
veroordeelden in de kerende wind

het reliëf van een lijf
de ogen
laten vertrekken zien

en nog steeds blijven ze komen
de gevolgen van een enkele hand
met de palm naar beneden

er staat iemand op
om ruggen te breken

een sigaret brandt
markeert de huid

er zijn vele manieren
om het lichaam te verlaten

en nog steeds blijven ze komen

een stuk zeep
om mee te douchen
dakluiken kijkgaten

kleren geordend
schoenen
met de veters bijeen

selectie
wat nog bruikbaar is

mensen
gestapeld als stenen
en nog steeds blijven ze komen

de gevolgen
van een enkele hand
met de palm naar beneden
stond iemand op om het licht te verdelen

er staat iemand op
om het vuur aan te steken
schoorstenen blazen rookdieren
onderstromen in een okeren lucht

3

zie er staat iemand op
met het oog op leven er staat iemand op
om het licht terug te geven

jij kijkt het aan
vrij nauwelijks van dood
te onderscheiden

de vraag is of je ooit nog
in staat bent tot spreken

ze blijven komen
nog steeds
blijven ze komen


Om te delen

het tegendeel doet zijn intrede

je streek
over een landschap
ik nam waar hoe mild het groen

de wijziging hield zich in onszelf op

en het weifelende licht
dat nu de trap afgaat
om morgen terug te keren

we wachten
worden straks weer zichtbaar
tegen een hedendaagse achtergrond


Om te delen

haal me terug

ik wist niet welke kant op te vallen
zocht het weer aangroeien van een oude vriend
vocht tegen het smaller worden van de stad de schaduw
die tevoorschijn kwam was het lokaas voor
vermagerde standpunten achter glas

vraag me niet wie me hier heeft gebracht
(en excuses voor mijn vogelogen)
het waren geen behoedzame dragers
geen droeve lastdieren met het zwoegende lijf

iemand verscheen ontstellend naakt
en op ware grootte
brak mijn adem
de steen om mijn hals
kraakte de onbemande ruimte

 

Om te delen