niet te stelpen

die avond
schoot de nacht naar binnen

het wapen was voorhanden
de cijfers weggegleden

enkel nog doordrenkte doeken
voor een man op een kier

de kou dringt altijd door de gaten

een vader splijt in stilte
het rumoer van vragen reist vooruit
door schemerige straten

ik haal de rug van mijn hand
beschaamd over mijn lippen
bloedrode vegen

sla mijn ogen neer
bij de grimas
van het leven

in ieder mens
houden jager en prooi
zich tot het einde samen op

avond

zie de avond
balt zijn vuisten

jij vecht
en ik vang
het ruisen van engelen
die door dit maaiveld

lopen we moeten blijven lopen

laat een spoor van bomen na
tegen het dunner worden van de lucht
kan ik niet helpen – schiet ik oeverloos tekort

zie de avond
stolt zijn duister

jij vocht
en ik ving
het lekken van jouw
mergpapieren gezicht

laat me je stelpen

ik draag je naam en leg je neer
in dit slapeloos gedicht
met de herinnering

aan ruimte

maar te licht
voor de zalvende woorden
van een dwalende god

Ingrid Lacet wist op een bijzonder mooie manier mijn gedicht ‘avond’ te treffen, in beeld te vangen, en weer vrij te laten.
www.ingridlacet.com